Reverse osmosis: waarom ultrafiltratie de betere keuze is

Reverse osmosis, ook wel omgekeerde osmose genoemd (RO), werkt door het kraanwater binnenshuis door een membraan te filteren. Je kunt het vergelijken met de wortel van een plant: die neemt water op, maar houdt vuil buiten. Voor het membraan thuis betekent dit een systeem waar watermoleculen doorheen gaan, maar de meeste opgeloste en zwevende stoffen niet.

De osmose-unit wordt tussen de waterleidingen geplaatst en verwijdert tot 99% van de kalk uit kraanwater, plus de meeste andere opgeloste stoffen (ionische of minerale zouten). Ook medicijnresten, hormonen, zware metalen, organische verbindingen, bacteriën en virussen worden verwijderd. Alleen de allerkleinste ionen (zoals fluoride) worden nauwelijks tegengehouden — ze zijn zo klein dat ze door de microporiën van het membraan passen. Dit hangt overigens ook af van welk membraan wordt gebruikt.

Commerciële aanbieders gebruiken voor huishoudens membranen met een afmeting van ongeveer 0,1 micron. De industrie, die water gebruikt voor productieprocessen, filtert veel verder — tot wel 0,0001 (ultrafiltratie). Dan spreek je niet meer van micron maar van kilodalton (KD). De systemen van H2Ot gebruiken uitsluitend de industriële variant, met een filtratie van 0,002 KD. Dat betekent dat 99,999999999% van de stoffen wordt tegengehouden.

De meeste aanbieders van waterontharders en watersystemen gebruiken dit soort industriële membranen niet, maar combineren een membraan met een filter — vaak een koolstoffilter en/of sedimentfilter. Een osmose-unit kan ook gevolgd worden door een extra ionenwisselaar en/of UV-filter voor een iets betere zuivering.

RO is niet het antwoord voor thuis. Ultrafiltratie wel.

Toch bieden wij zelf ook een RO-oplossing aan: onze reverse-osmosis systemen worden gecombineerd met een remineralisatiestap, die de mineralen die het RO-proces uit het water haalt er weer aan toevoegt. Zo krijg je alsnog gebalanceerd, drinkbaar water — een combinatie die weinig andere aanbieders bieden.

Terug naar blog