Het water gaat eerst door de ontharder voordat het verder je huis in wordt verdeeld. Daarom plaats je een waterontharder op het punt waar het water je huis binnenkomt — in nieuwere woningen is dat meestal de meterkast, in oudere woningen vaak een kruipruimte.
Zodra het water door de ontharder stroomt, hechten de calcium- en magnesiumdeeltjes zich aan de positieve lading van het hars. Dit gaat door totdat het hars verzadigd is — hoe snel dat gebeurt, hangt af van je waterverbruik. Meestal wordt de harskolom ongeveer eens per week met zout doorgespoeld: het zout zorgt ervoor dat het hars het calcium en magnesium weer loslaat, waarna dit via het riool wordt afgevoerd. Daarna spoelt het systeem nog een keer na met water, en is het hars — inmiddels weer positief opgeladen — klaar voor de volgende ronde. Dit scheikundig proces heet ionenuitwisseling.
Sommige aanbieders beweren dat het hars na veelvuldige uitwisselingen aan capaciteit verliest.
Dat klopt niet helemaal: het hars dat wij gebruiken is van industriële kwaliteit en gaat daardoor tot 10x langer mee dan bij standaard systemen. Wil je meer inzicht in hoe je systeem presteert, dan kun je op elk moment de waterhardheid bij een kraan meten.
